Kreta dieet.
Verschillende onderzoeken hebben de eetgewoonten van de bewoners in landen rond de Middellandse zee in verband gebracht met minder hart- en vaatziekten en een lagere prevalentie van sommige vormen van kanker (colon, borst, prostaat), diabetes en obesitas.
Reeds in het begin van de jaren 50 stelde de onderzoeker Ancel Keys op basis van klinische observaties vast dat de inwoners van Napels een lage morbiditeit en mortaliteit door hart- en vaatziekten kenden, en dit ondanks hun hoge vetinname in de vorm van voornamelijk olijfolie. Zoals bleek uit migratiestudies konden genetische factoren hiervoor niet verantwoordelijk zijn. Men vermoedde dat de verklaring te maken had met het eetpatroon van de Napolitanen. Keys en zijn collega's breidden daarom in 1958 het onderzoek uit tot andere gebieden van Zuid-Europa (Italië, Griekenland inclusief Kreta, het voormalige Yugoslavië) en vergeleken hun resultaten met de vetinname en de cardiovasculaire mortaliteit in landen van Noord-Europa (Finland, Nederland), de Verenigde Staten en Japan. Deze Zeven Landen Studie volgde gedurende 25 jaar 12.000 mannen tussen 40 en 59 jaar oud. Kretenzers hadden een hogere levensverwachting dan de inwoners van gebieden in Noord-Europa en de VS. Ook de sterfte aan coronaire hartziekten bleek in Kreta veel lager ondanks de meer beperkte medische diensten dan in het noorden. In andere mediterrane gebieden kon men gelijkaardige vaststellingen doen. In het begin werden de gunstige bevindingen vooral verklaard door de verschillen in vetzuren in de voeding en vooral door de verschillen in de inname van verzadigde vetzuren. Aangezien belangrijke risicofactoren voor het optreden van hart- en vaatziekten (verhoogd bloedcholesterolgehalte, hoge bloeddruk, roken) echter ook in het Middellandse Zee-gebied voorkomen, ontstond het vermoeden dat de mediterrane voeding naast de typische vetzuursamenstelling ook nog andere beschermende elementen moest bevatten.
Hoewel Keys reeds in het begin van de jaren 70 suggereerde dat de voeding van de mediterrane regio een goede voeding was, kwam de wetenschappelijke ondersteuning van het mediterrane dieet pas op gang tegen de jaren 90.
Om het gunstige gezondheidseffect van de traditionele mediterrane voeding te kunnen nagaan is een vertaling naar voedingsstoffen nodig. Onderstaande tabel geeft weer welke voedingsstoffen de mediterrane voeding in belangrijkere mate aanbrengt.
zetmeel
- brood en andere graanproducten
- aardappelen
- peulvruchten
voedingsvezels
- groenten
- fruit
- volkorenproducten
- peulvruchten
- noten
mono-onverzadigde vetzuren- olijfolie, olijven
- noten
w -3 vetzuren
- (vette) vis
- noten, zaden
vitaminen met antioxidantwerking (bv. C, E) en andere antioxidantia (niet-nutritieve stoffen of "phytochemicals" zoals carotenoïden, polyfenolen)
- groenten
- fruit
- olijfolie (vooral extra vierge), olijven
- noten, zaden
- rode wijn (polyfenolen)
kalium
- groenten
- fruit
foliumzuur (kan bijdragen tot een lager homocysteïnegehalte in het bloed)
- groenten
- fruit
- volkorenproducten